Sionskerk, A. van Ostadelaan 78, Veenendaal - Direct contact opnemen met de wijkpredikant of scriba van de Sionskerk.

Balsemen (Mattheüs 26: 6–13)

... De vrouw met de zalfolie staat in het midden. Wat zij doet, is ingeklemd tussen het beraad in het paleis van Kajafas en het verraad van Judas. Dat zijn felle contrasten. Zo springt haar daad eruit. Wat zij doet en vooral wat Jezus erover zegt, is het centrum van dit Bijbelgedeelte.

Er komt een vrouw naar Jezus toe met een fles vol kostbare zalfolie. Enkele druppels zijn voldoende voor een heerlijke geur, maar zij houdt geen maat. Ze giet de fles in één keer leeg. De zalfolie stroomt over Jezus’ hoofd. De discipelen reageren geschokt. Wat doet ze Hem aan? Ze herinneren zich hoe Jezus een rijke man wegstuurde: Verkoop alles wat je hebt en geef het aan de armen. Dit wil Jezus niet. Hij is gekomen om te dienen, niet om gediend te worden.

Waarom doet ze het? Het is in ieder geval een daad van grenzeloze liefde. Liefde die geen maat kent. Ze geeft Jezus het mooiste en beste wat zij geven kan. Maar wat ze met haar daad precies bedoelt, weten we niet. Mattheüs zegt er niets over. Blijkbaar doet dat er niet toe. En eigenlijk gaat het ook niet om die vrouw. Dat is vreemd. Want Jezus zegt dat ze altijd en overal herinnerd zal worden. Maar we kennen niet eens haar naam! We weten precies wáár het gebeurt. Drie namen worden genoemd: Bethanië, Simon en ook zijn bijnaam: de melaatse. Maar háár naam kennen we niet en haar motieven blijven onbekend. Blijkbaar gaat het daar niet om. Het gaat om de betekenis die Jezus eraan geeft.

Jezus verdedigt de vrouw. En Hij zet de zaak op scherp door zichzelf naast de armen te zetten. Hij aan de ene kant, de armen tegenover Hem. Wie heeft er recht op dit geschenk? Wie komt het grote bedrag toe, dat met deze zalving gemoeid is? Jezus zegt: Nu komt het Mij toe. Dat heeft te maken met het bijzondere moment. Armen zijn er altijd, Jezus nog maar enkele dagen. Op dit unieke moment moeten de armen plaatsmaken voor Hem. Door deze zalving te accepteren, laat Jezus zien dat Hij de Koning is. En een koning staat boven zijn onderdanen, zelfs boven de armen.

Maar Jezus geeft een onverhoedse betekenis aan de zalving. Wordt Hij gezalfd zoals David tot koning of Aäron tot hogepriester? Nee, Jezus verbindt deze zalving met Zijn dood. Zalven wordt balsemen. Dat heeft de vrouw zo niet bedoeld. Zij zalfde alleen zijn hoofd. Maar Jezus breidt het uit. Hij zegt dat ze Zijn lichaam heeft gezalfd. Zoals een dode helemaal gebalsemd wordt. Jezus maakt van dit eerbetoon een laatste eer.

Zo geeft Hij een dubbele betekenis aan de zalving. Het wijst op Zijn grootheid en majesteit. Tegelijkertijd wijst het vooruit naar Zijn dood. Dat zal een dood van schande zijn. Hij zal gekruisigd worden. Maar voorafgaand aan die schandalige dood wordt Hij eervol gebalsemd. Zo tegenstrijdig is het.

De discipelen kunnen dat niet plaatsen. En wij begrijpen er ook weinig van. Maar Jezus neemt ons in deze lijdensweken bij de hand. Hij geeft Zijn Woord en Hij geeft Zichzelf in brood en wijn. Zo gedenken we Hem. In verwondering en liefde.

P. Hoogendam

Kerkdienst (terug)luisteren?

Live Archief

Actueel

Klik op een nieuwsartikel of kies voor het volledig overzicht.

Deze website is ontwikkeld in samenwerking met: