Sionskerk, A. van Ostadelaan 78, Veenendaal - Direct contact opnemen met de wijkpredikant of scriba van de Sionskerk.

Een onverwacht nieuw begin (Jesaja 11: 1–10)

... Eens stond er een boom. Maar die is zo dicht mogelijk bij de grond gekapt. Er is slechts een stompje van over. Die boom was Israël en haar koningshuis. In het beloofde land was die boom gaan groeien.

Er zal een Twijgje opgroeien uit de afgehouwen stronk van Isaï

Eens stond er een boom. Maar die is zo dicht mogelijk bij de grond gekapt. Er is slechts een stompje van over. Die boom was Israël en haar koningshuis. In het beloofde land was die boom gaan groeien. Onder David en Salomo was ze tot grote bloei gekomen. Daar is niets van over. Van de fiere boom die Israël was, rest niets meer dan een dooie stomp. Maar uit die afgehouwen tronk groeit een nieuwe loot, een twijgje.

Het beeld van de stronk die weer uitloopt, kan ons op het verkeerde been zetten. Want wat is er natuurlijker dan dat er uit een boomstronk een nieuwe loot groeit? Dat gebeurt vanzelf. Dat is de natuur. Maar hier is dat een verkeerde gedachte. Het is niet zo dat Jesaja de ernst van de situatie verzacht door er op te wijzen dat een stronk altijd weer uitloopt. ‘Natuurlijk’ komt het weer goed met Israël en met haar koning. Dat bedoelt de profeet niet.

Want de twijg die opkomt, wordt niet met David verbonden en ook niet met Davids koningshuis. De nieuwe loot komt op uit de tronk van Isaï. Isaï was de vader van David. En hij was een veehouder, geen koning. Het koningschap begon pas bij David. David was de eerste koning in zijn geslacht. Maar bij hem sluit Jesaja niet aan. Blijkbaar kan de lijn van het koningshuis van David niet doorgetrokken worden. God gaat terug vóór David. Hij grijpt terug op Isaï, die nooit koning was. Uit hèm maakt God een nieuw begin.

Israël heeft het hier moeilijk mee gehad. Psalm 89 krijgt het niet klein. God had aan David trouw gezworen, zegt de dichter: Zijn troon zal eeuwig zijn. Hoe is dat te rijmen met wat de dichter ziet? Gij stoot en werpt thans uw Gezalfde neer. De koningsboom van David is niet alleen geveld, maar de stronk is ook afgestorven, morsdood. Daar groeit geen nieuwe loot meer uit. De natuur schiet tekort. Er is een goddelijk wonder nodig om uit deze tronk nog een twijg te laten groeien.

Dat wonder doet God! Niet uit David, maar uit Isaï komt een koningskind op: Jezus. Een geheel nieuwe Davidszoon. God blijft trouw aan David, zeker. God laat nooit één van zijn beloften vallen. Ook niet de belofte die Hij aan David gaf. Jezus is met recht de zoon van David. Maar door onze zonde en door ons ongeloof, moet God vaak onverwachte wegen inslaan om zijn beloften te vervullen. Hier gaat God terug naar de oorsprong van David. Vandaaruit laat Hij de Messias opkomen: uit de wortel van Isaï. Zo trekt God de lijn van David naar Jezus. Totaal onverwacht. Geheel onvanzelfsprekend. Niet natuurlijk. Het is een Godswonder.

We kunnen vanuit de beloften van God geen rechte lijn trekken naar de toekomst. God gaat zijn eigen gang.

Al Gods beloften worden vervuld, daar hoeft u niet aan te twijfelen. Maar hoe God dat doet, dat gaat ons verstand te boven. Het gaat vaak door de diepten heen. Zo wordt Jezus geboren uit de maagd. Natuurlijk onmogelijk, en toch! Zo wordt Jezus geboren bij twee koningskinderen, die zo arm zijn als een kerkrat.

Nakomelingen van David, maar niet van het koningshuis in pracht en praal. En Jezus wordt niet in de koningsstad Jeruzalem geboren, maar in Bethlehem. Niet in het paleis, maar in een stal.

Jezus is de loot van Isaï en zo de zoon van David. Zie in het geboren Kind het goddelijke wonder.

ds P.Hoogendam

Naar overzicht

Geplaatst door:

ds P. Hoogendam

Datum:

1 mei 2018

Actueel

Klik op een nieuwsartikel of kies voor het volledig overzicht.

Deze website is ontwikkeld in samenwerking met: